"Retouren en creditnota's"

"Module 8 · BTW & handel"

"De verkoop of inkoop terugdraaien: alles spiegelt"

Concepts

Welkom — en een eerlijk gesprekje over deze les

Fijn dat je er weer bent. Module 8 gaat over BTW en handel: inkopen, verkopen, kortingen, en nu — in deze aanvullende les — **retouren**. De lessen ch08a t/m ch08c heb je al achter de rug, dus je kent journaalposten, debiteuren, crediteuren, en je weet hoe BTW werkt bij in- en verkoop. Goed, want we bouwen daar direct op voort.

Vandaag behandelen we één situatie die in de praktijk de hele tijd voorkomt en op het **BKB-examen** geregeld terugkeert: **een retour**. Soms stuurt een klant iets terug (verkoopretour), soms stuur jíj iets terug naar de leverancier (inkoopretour). In allebei de gevallen draai je een deel van de oorspronkelijke boeking terug. Het voelt misschien ingewikkeld, maar het principe is eigenlijk heel simpel: **bij een retour wisselt alles van kant**.

Karin schuift haar stoel bij en legt twee facturen op tafel. *"Er zijn van die dingen in de boekhouding die cursisten lastig vinden, terwijl ze eigenlijk spiegelbeelden zijn van iets wat ze al kennen. Retouren zijn zo'n ding. Zodra je doorhebt dat een retour niets anders is dan de oorspronkelijke boeking ómgekeerd, is er niets meer om bang voor te zijn. Laten we dat samen doornemen, rustig, met veel voorbeelden."*

> TIP: Heb je de vorige lessen nog niet helemaal scherp? Geen probleem. We herhalen kort wat je nodig hebt vóórdat we het gebruiken. Je hoeft niets uit je hoofd te leren — lees mee en kijk hoe de stukjes in elkaar passen.

---

Wat is een retour — en wat is een creditnota?

Voordat we gaan boeken, even de begrippen vastzetten. In de handel gebeurt het regelmatig: een klant ontvangt zijn bestelling, maar er zitten beschadigde artikelen bij. Of hij bestelde het verkeerde model. Of Van Ginkel Solutions BV ontvangt goederen van de leverancier die niet aan de specificaties voldoen. In al die gevallen worden de spullen **teruggestuurd**. Dat heet een **retour**.

De bijbehorende administratieve verwerking gaat via een **creditnota** (ook wel: creditfactuur). Dat is het tegenovergestelde van een gewone factuur: een gewone factuur vraagt om betaling, een creditnota verlaagt het openstaande bedrag. Als een klant spullen teruggeeft, stuur jij hem een creditnota. Als jij spullen teruggeeft aan de leverancier, stuurt de leverancier jou een creditnota.

Creditnota | factuur ómgekeerd
Verlaagt het bedrag in plaats van verhogen
Bij retour: wie teruggeeft, krijgt creditnota
Basis voor de journaalpost
---
Verkoopretour | klant geeft terug
Klant stuurt spullen terug naar Van Ginkel Solutions BV
Van Ginkel Solutions BV stuurt een creditnota aan de klant
Verkoop wordt (deels) teruggedraaid
---
Inkoopretour | Van Ginkel Solutions BV geeft terug
Van Ginkel Solutions BV stuurt spullen terug naar leverancier
Leverancier stuurt een creditnota aan Van Ginkel Solutions BV
Inkoop wordt (deels) teruggedraaid

> TIP: Onthoud: een **creditnota** is altijd het signaal dat er iets teruggedraaid wordt. Wie de creditnota stuurt, past zijn Verkopen aan. Wie de creditnota ontvangt, past zijn Inkopen aan. Zie je een creditnota op een examen? Dan weet je: hier is een retour in het spel.

---

Het grote principe: bij een retour wisselt alles van kant

Voordat we de voorbeelden instappen, wil Karin je één principe meegeven dat alles verklaart. Kijk naar een gewone verkoopboeking:

   Debiteuren               1.210 debet
       Aan Verkopen              1.000 credit
       Aan Af te dragen BTW        210 credit

Bij een verkoopretour draai je die boeking om. Elke rekening die debet stond, gaat nu credit — en omgekeerd:

   Verkopen                   200 debet   ← was credit, nu debet
   Af te dragen BTW            42 debet   ← was credit, nu debet
       Aan Debiteuren             242 credit  ← was debet, nu credit

Dat is het hele systeem. Je gumt als het ware een stukje van de oorspronkelijke boeking uit. Precies hetzelfde principe geldt bij een inkoopretour — maar dan spiegel je de inkoopboeking. Dit maakt het systeem logisch in plaats van een rijtje regels dat je uit je hoofd moet leren.

> TIP: Schrijf dit op een briefje: **"Bij een retour wisselt alles van kant."** Zolang je die regel onthoudt, hoef je nooit meer te gokken welke rekening debet of credit moet. Je leest de originele boeking af, en draait 'm om.

---

Verkoopretour — de klant stuurt iets terug

Laten we beginnen met het meest voorkomende geval: een klant van Van Ginkel Solutions BV stuurt een deel van zijn bestelling terug.

**De situatie.** Van Ginkel Solutions BV had eerder een factuur gestuurd voor **1.000 euro + 21% BTW = 1.210 euro**. De klant heeft alle spullen ontvangen, maar besluit een deel terug te sturen. De retour bedraagt **200 euro (excl. BTW)**. Van Ginkel Solutions BV stuurt een **creditnota** van 200 + 21% = **242 euro**.

**Wat verandert er?**

  • De **opbrengst** van Van Ginkel Solutions BV wordt lager — er is voor 200 minder verkocht.
  • De **af te dragen BTW** wordt lager — Van Ginkel Solutions BV had aanvankelijk 210 BTW geboekt, maar die was over de hele 1.000. Over de retour van 200 had je 42 BTW geboekt. Die 42 hoeft Van Ginkel Solutions BV nu niet meer af te dragen.
  • De **vordering op de klant** (Debiteuren) wordt kleiner — de klant hoeft de 242 van de retour niet meer te betalen.

**De journaalpost:**

   Verkopen                   200 debet
   Af te dragen BTW            42 debet
       Aan Debiteuren             242 credit

**Controle:** debet = 200 + 42 = 242. Credit = 242. **Gelijk.** De gouden regel klopt.

**Even de bedragen controleren:**

  • Retour excl. BTW: 200
  • BTW 21% over 200: 200 × 0,21 = **42**
  • Retour incl. BTW (= creditnota-bedrag): 200 + 42 = **242**
   ┌──────────────────────────────────────────────┐
   │   CREDITNOTA AAN DE KLANT                    │
   ├──────────────────────────────────────────────┤
   │   Goederen retour (excl. BTW) .........  200 │ → Verkopen (debet)
   │   BTW 21% .............................   42 │ → Af te dragen BTW (debet)
   │   ─────────────────────────────────────────  │
   │   Totaal creditnota ...................  242  │ → Debiteuren (credit)
   └──────────────────────────────────────────────┘

> TIP: De creditnota heeft precies dezelfde opbouw als een gewone factuur — excl. bedrag, BTW, totaal — maar alles werkt omgekeerd. Op de factuur wordt een bedrag gevraagd; op de creditnota wordt een bedrag teruggegeven of verrekend.

---

Verkoopretour met 9% BTW — tweede voorbeeld

Op het BKB-examen kun je ook een retour tegenkomen met het lage BTW-tarief (9%), dat geldt voor bijvoorbeeld levensmiddelen, boeken of geneesmiddelen. De aanpak is identiek — alleen het tarief verschilt.

**De situatie.** Van Ginkel Solutions BV verkocht eerder voedingssupplementen voor **500 euro + 9% BTW = 545 euro** aan een klant. De klant stuurt **150 euro (excl. BTW)** terug. Van Ginkel Solutions BV stuurt een creditnota.

**De bedragen:**

   Retour excl. BTW:  150
   BTW 9% over 150:   150 × 0,09 = 13,50
   Creditnota totaal: 150 + 13,50 = 163,50

**De journaalpost:**

   Verkopen                   150,00 debet
   Af te dragen BTW            13,50 debet
       Aan Debiteuren             163,50 credit

**Controle:** debet = 150,00 + 13,50 = 163,50. Credit = 163,50. **Gelijk.**

Zie je hoe het principe hetzelfde blijft? Alleen het BTW-tarief verschilt (9% in plaats van 21%). Het rekenen: excl. bedrag × tarief = BTW. En de journaalpost: Verkopen en Af te dragen BTW debet, Debiteuren credit. Precies dezelfde structuur.

> TIP: Weet je het BTW-tarief niet zeker op het examen? Controleer altijd de opgave — er staat altijd bij welk tarief van toepassing is. 21% is het standaardtarief; 9% geldt voor de producten uit de bijlage van de Wet OB (dagelijkse levensbehoeften, medicijnen, boeken, etc.).

---

Het effect op de debiteurensubadministratie

Wanneer Van Ginkel Solutions BV een creditnota stuurt, moet dat niet alleen in het journaal terechtkomen — het heeft ook direct gevolg voor de **debiteurensubadministratie** (de aparte klantenkaarten die je in les ch09b zult leren kennen).

Op de klantenkaart van deze klant stond na de oorspronkelijke factuur een openstaand bedrag van **1.210 euro** (de volledige factuur). Na de creditnota van 242 euro wordt dat:

   Openstaand na factuur:      1.210
   Creditnota retour:          -  242
   ─────────────────────────────────
   Nieuw openstaand saldo:       968

De klant hoeft nu nog maar **968 euro** te betalen. In de subadministratie wordt de creditnota geboekt als een **credit** op de klantenkaart — dat verlaagt het openstaande saldo. Precies zoals de journaalpost ook Debiteuren credit boekt.

> TIP: De koppeling tussen het journaal en de subadministratie is een terugkerend thema in Module 9. Onthoud nu al: elke beweging op Debiteuren in het journaal heeft een spiegeling op de klantenkaart in de subadministratie. Een creditnota → Debiteuren credit in het journaal → bedrag af van de klantenkaart.

---

Inkoopretour — Van Ginkel Solutions BV stuurt iets terug naar de leverancier

Nu de andere kant. Niet een klant die iets teruggeeft, maar Van Ginkel Solutions BV zelf die beschadigde of verkeerde goederen terugstuurt naar zijn leverancier. De leverancier stuurt dan een creditnota aan Van Ginkel Solutions BV.

**De situatie.** Van Ginkel Solutions BV kocht eerder voor **500 euro + 21% BTW = 605 euro** aan goederen in bij een leverancier, op rekening. Bij ontvangst blijken een deel van de goederen beschadigd. Van Ginkel Solutions BV stuurt **100 euro (excl. BTW)** terug. De leverancier stuurt een creditnota van 100 + 21% = **121 euro**.

**Wat verandert er?**

  • De **inkoopkosten** van Van Ginkel Solutions BV worden lager — er is voor 100 minder ingekocht.
  • De **te vorderen BTW** wordt lager — Van Ginkel Solutions BV had aanvankelijk 105 BTW als voorbelasting geboekt (21% × 500). Over de retour van 100 was er 21 BTW. Die 21 mag Van Ginkel Solutions BV nu niet meer terugvragen van de Belastingdienst.
  • De **schuld aan de leverancier** (Crediteuren) wordt kleiner — Van Ginkel Solutions BV hoeft de 121 van de retour niet meer te betalen.

**De journaalpost:**

   Crediteuren                121 debet
       Aan Inkopen                100 credit
       Aan Te vorderen BTW         21 credit

**Controle:** debet = 121. Credit = 100 + 21 = 121. **Gelijk.**

**Even de bedragen controleren:**

  • Retour excl. BTW: 100
  • BTW 21% over 100: 100 × 0,21 = **21**
  • Creditnota totaal: 100 + 21 = **121**
   ┌──────────────────────────────────────────────┐
   │   CREDITNOTA VAN DE LEVERANCIER              │
   ├──────────────────────────────────────────────┤
   │   Goederen retour (excl. BTW) .........  100 │ → Inkopen (credit)
   │   BTW 21% .............................   21 │ → Te vorderen BTW (credit)
   │   ─────────────────────────────────────────  │
   │   Totaal creditnota ...................  121  │ → Crediteuren (debet)
   └──────────────────────────────────────────────┘

> TIP: Bij een inkoopretour is Crediteuren de enige debet-rekening — de schuld aan de leverancier wordt kleiner. Inkopen en Te vorderen BTW worden allebei credit — de kosten gaan omlaag, en de voorbelasting die je had geboekt gaat deels weg. Drie rekeningen, en debet = credit klopt vanzelf.

---

Vergelijking: gewone boeking vs. retour — alles spiegelt

Nu de kern van de les overzichtelijk op een rij. Dit is het overzicht dat je op het BKB-examen als houvast kunt gebruiken:

| Situatie | Debet | Credit | | --- | --- | --- | | **Gewone inkoop** | Inkopen + Te vorderen BTW | Crediteuren | | **Inkoopretour** | Crediteuren | Inkopen + Te vorderen BTW | | **Gewone verkoop** | Debiteuren | Verkopen + Af te dragen BTW | | **Verkoopretour** | Verkopen + Af te dragen BTW | Debiteuren |

Zie je het patroon? Elke retour is letterlijk de gewone boeking gespiegeld. Debet en credit wisselen van plek. De rekeningen zijn hetzelfde, maar ze staan aan de andere kant.

   GEWONE VERKOOP               VERKOOPRETOUR
   ─────────────────────────    ─────────────────────────────────
   Debiteuren      DEBET        Verkopen           DEBET
   Verkopen        credit       Af te dragen BTW   DEBET
   Af te dragen BTW credit          Aan Debiteuren     credit

   GEWONE INKOOP                INKOOPRETOUR
   ─────────────────────────    ─────────────────────────────────
   Inkopen         DEBET        Crediteuren        DEBET
   Te vorderen BTW DEBET            Aan Inkopen        credit
   Crediteuren     credit           Aan Te vorderen BTW credit

De regel is simpel: **bij een retour wisselt alles van kant.** Leer je dit principe, dan kun je altijd zelf de boeking reconstrueren, ook voor bedragen die je nog nooit eerder hebt gezien.

Verkoopretour | verkoop ómgekeerd
Verkopen + Af te dragen BTW: DEBET
Debiteuren: credit
Creditnota gaat naar de klant
---
Inkoopretour | inkoop ómgekeerd
Crediteuren: DEBET
Inkopen + Te vorderen BTW: credit
Creditnota ontvangen van leverancier
---
Het systeem | altijd spiegelen
Bij retour: debet wordt credit
En credit wordt debet
Debet = credit moet altijd kloppen

> TIP: Op het BKB-examen wordt soms de hele journaalpost gegeven, en gevraagd om aan te wijzen welke situatie het beschrijft. Zie je Verkopen debet? Dan is het een verkoopretour. Zie je Crediteuren debet? Dan is het een inkoopretour. De debet-kant verraadt altijd wat er teruggedraaid wordt.

---

Gecombineerde situatie — klant betaalt een deel en stuurt een deel terug

Tot nu toe behandelden we retouren los. Maar in de praktijk komen ze zelden netjes alleen. Soms betaalt een klant een deel van zijn factuur, en stuurt een ander deel terug. Hoe verwerk je dat?

**De situatie.** De klant had een openstaande factuur van **1.210 euro** (1.000 + 21% BTW). Hij betaalt **600 euro** per bank, en stuurt voor **200 euro (excl. BTW) = 242 euro (incl. BTW)** terug. De rest, **368 euro**, is nog openstaand.

Controleer: 600 betaald + 242 retour + 368 openstaand = 1.210. Klopt.

Er zijn nu **twee losse journaalposten** nodig — één voor de betaling, één voor de retour. Je boekt ze apart.

**Post 1 — De klant betaalt 600 euro per bank:**

   Bank                       600 debet
       Aan Debiteuren             600 credit

**Post 2 — De klant stuurt 200 (excl. BTW) = 242 (incl. BTW) terug:**

   Verkopen                   200 debet
   Af te dragen BTW            42 debet
       Aan Debiteuren             242 credit

**Wat staat er nu nog open op Debiteuren?**

   Originele vordering:        1.210
   Betaling ontvangen:        -  600
   Creditnota retour:         -  242
   ─────────────────────────────────
   Resterende vordering:        368

De klant betaalt de resterende 368 nog. Zo simpel is het — twee losse boekingen, elk met een eigen controle op debet = credit. Nooit één grote, ingewikkelde post proberen te maken: dat vergroot de kans op fouten.

> TIP: Ontvang je zowel een betaling als een retour van dezelfde klant? Boek ze altijd **apart**. Elke post krijgt zijn eigen journaalregel, zijn eigen controle. Zo blijft je Debiteuren-rekening altijd te volgen, en zie je op de klantenkaart precies wat er is betaald en wat er is teruggestuurd.

---

Retouren in het dagboek

Waar horen retourboekingen eigenlijk thuis? In Module 9 leer je over dagboeken (verkoopboek, inkoopboek, bankboek, kasboek). Een korte aanwijzing is hier al handig.

**Verkoopretour** hoor in principe thuis in het **verkoopboek** — want het gaat over een aanpassing op een verkooptransactie. In de praktijk zijn er twee manieren:

  • Aparte kolom "Retour" in het verkoopboek, met negatieve bedragen (minteken).
  • Aparte boeking in het verkoopboek met de bedragen ingevuld als creditbedrag.

In beide gevallen zorgt de creditnota ervoor dat Verkopen omlaag gaat (debet) en Debiteuren omlaag gaat (credit). De dagboekregel is de spiegel van een gewone verkoopfactuurregel.

**Inkoopretour** hoort thuis in het **inkoopboek**, op vergelijkbare wijze: als een negatieve inkoop, of als een aparte retourpost. De creditnota van de leverancier is de basis.

> TIP: Op het BKB-examen hoef je dit onderscheid vaak alleen op hoofdlijnen te kennen. Denk aan: verkoopretour → verkoopboek, inkoopretour → inkoopboek. De journaalpost is altijd de kern — het dagboek is de map waar je hem opbergt.

---

Alles op een rij — samenvatting voor het examen

Module 8 is nu volledig. Van btw-berekening tot kortingen tot complete handelstransacties, en nu ook retouren. Dit is wat je voor het BKB-examen moet kunnen reproduceren:

   MODULE 8 — RETOUREN (BKB-examenoverzicht)

   VERKOOPRETOUR (klant geeft terug, jij stuurt creditnota)
   ────────────────────────────────────────────────────────
   Verkopen              × debet   (opbrengst omlaag)
   Af te dragen BTW      × debet   (minder afdragen)
       Aan Debiteuren        × credit  (vordering omlaag)

   Bedragen: excl. × BTW-tarief = BTW  |  excl. + BTW = totaal

   INKOOPRETOUR (jij geeft terug, leverancier stuurt creditnota)
   ─────────────────────────────────────────────────────────────
   Crediteuren           × debet   (schuld omlaag)
       Aan Inkopen           × credit  (kosten omlaag)
       Aan Te vorderen BTW   × credit  (voorbelasting omlaag)

   Bedragen: excl. × BTW-tarief = BTW  |  excl. + BTW = totaal

   GOUDEN REGEL: bij een retour wisselt alles van kant.
   CONTROLE:     debet = credit bij elke post.
Wat je vandaag leerde | retouren volledig
Verkoopretour: verkoop terugdraaien
Inkoopretour: inkoop terugdraaien
BTW gaat altijd mee
---
De spiegel | systeem begrijpen
Retour = originele boeking omgekeerd
Debet wordt credit, credit wordt debet
Niet uit het hoofd leren — begrijpen
---
BKB-examentip | herkennen en schrijven
Creditnota → retour in het spel
Verkopen debet → verkoopretour
Crediteuren debet → inkoopretour

Karin leunt achterover. *"Dit was een les die veel cursisten in eerste instantie overslaan, omdat ze denken: 'retouren, dat is vast ingewikkeld.' Maar jij weet nu dat het eigenlijk heel simpel is. Je neemt de boeking die je al kent, en je draait hem om. Dat is alles. Zolang je debet en credit controleert bij elke post, kun je het nooit helemaal fout doen. En op het examen — als je ziet dat er een creditnota in de vraag zit — weet je: hier is een retour. En hoe je die boekt, dat weet je nu ook precies."*

> TIP: Ga thuis één keer zelf door de voorbeelden in deze les zonder te kijken. Schrijf de journaalposten op een leeg vel papier. Klopt debet = credit? Dan zit het goed. Kloppen de BTW-bedragen (excl. × tarief = BTW)? Dan zit het goed. Dat papieren moment is precies wat je op het examen doet.

---

Missie

STORY: Karin legt twee stapeltjes papieren op je bureau. *"Dit zijn de retouren van deze week bij Van Ginkel Solutions BV. Een klant stuurde een deel van zijn bestelling terug, en we stuurden zelf ook een partij beschadigde goederen terug naar de leverancier. Beiden hebben een creditnota gestuurd of ontvangen. Jouw taak vandaag: maak een retour-journaal in Excel, verwerk beide creditnota's met de juiste journaalposten en BTW-bedragen, en controleer met SOM-formules dat bij elke post debet precies gelijk is aan credit. Stap voor stap — je doet het."*

Stap 1 — Maak het retour-journaal aan

Start Excel met een **Leeg werkblad**. We maken een journaal-tabel met vier kolommen: **Datum**, **Rekening**, **Debet** en **Credit**.

Klik op **A1** en typ `Datum`. Klik op **B1** en typ `Rekening`. Klik op **C1** en typ `Debet`. Klik op **D1** en typ `Credit`. Maak de kopregel vet (selecteer rij 1, klik op **B**).

        A          B                       C        D
   ┌──────────┬───────────────────────┬─────────┬─────────┐
 1 │ Datum    │ Rekening              │ Debet   │ Credit  │
 2 │          │                       │         │         │
   └──────────┴───────────────────────┴─────────┴─────────┘

Elk journaalblok beslaat meerdere rijen: debetregels (bedrag in kolom C) en creditregels (bedrag in kolom D, met "Aan" voor de naam). Controleer per post dat debet = credit voordat je doorgaat.

Stap 2 — Verwerk de verkoopretour (klant stuurt terug)

De eerste creditnota: op **5 jun** stuurt een klant voor **300 euro (excl. BTW, 21%)** aan goederen terug. Van Ginkel Solutions BV stuurt een creditnota.

Reken eerst de bedragen uit:

   Retour excl. BTW:    300
   BTW 21% over 300:    300 × 0,21 = 63
   Creditnota totaal:   300 + 63 = 363

Typ de verkoopretour-boeking in het journaal. Debetregels in kolom C, creditregel in kolom D:

        A          B                       C        D
   ┌──────────┬───────────────────────┬─────────┬─────────┐
 2 │ 5 jun    │ Verkopen              │    300  │         │
 3 │          │ Af te dragen BTW      │     63  │         │
 4 │          │ Aan Debiteuren        │         │    363  │
   └──────────┴───────────────────────┴─────────┴─────────┘

Controleer in je hoofd: debet = 300 + 63 = 363. Credit = 363. **Gelijk.** De verkoopretour staat erin.

Stap 3 — Verwerk de inkoopretour (Van Ginkel Solutions BV stuurt terug)

De tweede creditnota: op **6 jun** stuurt Van Ginkel Solutions BV voor **150 euro (excl. BTW, 21%)** aan beschadigde goederen terug naar de leverancier. De leverancier stuurt een creditnota.

Reken eerst de bedragen uit:

   Retour excl. BTW:    150
   BTW 21% over 150:    150 × 0,21 = 31,50
   Creditnota totaal:   150 + 31,50 = 181,50

Typ de inkoopretour-boeking onder de eerste post. Nu één debetregel en twee creditregels:

        A          B                       C        D
   ┌──────────┬───────────────────────┬─────────┬─────────┐
 5 │ 6 jun    │ Crediteuren           │  181,50 │         │
 6 │          │ Aan Inkopen           │         │  150,00 │
 7 │          │ Aan Te vorderen BTW   │         │   31,50 │
   └──────────┴───────────────────────┴─────────┴─────────┘

Controleer in je hoofd: debet = 181,50. Credit = 150,00 + 31,50 = 181,50. **Gelijk.** De inkoopretour staat erin.

Stap 4 — Controleer het journaal met SOM-formules

Nu de gouden regel controleren over het hele journaal. Klik op cel **C9** en typ:

=SOM(C2:C7)

Klik op cel **D9** en typ:

=SOM(D2:D7)

Zet in **B9** het woord `Totaal`.

        A          B                       C        D
   ┌──────────┬───────────────────────┬─────────┬─────────┐
 8 │          │                       │         │         │
 9 │          │ Totaal                │  544,50 │  544,50 │  ← =SOM
   └──────────┴───────────────────────┴─────────┴─────────┘

Tel zelf mee: debet = 300 + 63 + 181,50 = **544,50**. Credit = 363 + 150 + 31,50 = **544,50**. **Beide totalen zijn gelijk!** Je journaal klopt.

Klik op **C10** en typ `=C9-D9` voor de extra controle. Als er **0** verschijnt: perfect. Een andere waarde is je signaal dat er iets niet klopt.

Stap 5 — Controleer de BTW-bedragen met een formule

Het is goed gebruik om niet alleen het journaal te controleren, maar ook de individuele BTW-berekeningen. Maak daarvoor een klein controleblok rechts.

Klik op **F1** en typ `BTW-controle`. Vul dan in:

        F                          G
   ┌──────────────────────────┬──────────┐
 1 │ BTW-controle             │          │
 2 │ Verkoopretour excl.      │    300   │  ← invoer
 3 │ BTW-tarief               │   0,21   │  ← invoer
 4 │ BTW verkoopretour        │     63   │  ← formule
 5 │                          │          │
 6 │ Inkoopretour excl.       │    150   │  ← invoer
 7 │ BTW-tarief               │   0,21   │  ← invoer
 8 │ BTW inkoopretour         │  31,50   │  ← formule
   └──────────────────────────┴──────────┘

Klik op **G4** en typ de formule:

=G2*G3

Klik op **G8** en typ:

=G6*G7

In **G4** verschijnt **63** (300 × 0,21) en in **G8** verschijnt **31,5** (150 × 0,21). Beide kloppen met de bedragen in je journaal. Je hebt dubbel gecontroleerd.

**Karin kijkt over je schouder en lacht.** *"Kijk eens aan. Twee retourboekingen, allebei met de juiste BTW, en allebei met debet = credit. Dat is precies wat je op het BKB-examen moet kunnen: de journaalpost voor een verkoopretour en een inkoopretour volledig uitschrijven, de BTW uitrekenen, en controleren of het klopt. En je hebt het net gewoon gedaan. Onthoud het systeem: retour is de originele boeking ómgekeerd. Dat kan je nooit meer afpakken."*